Coquilles zijn het vlees van de Sint-Jakobsschelp. Ze zijn ontzettend lekker en erg makkelijk om te bereiden. Maak een pan goed heet, bak de coquilles twee minuten per kant, en klaar. Voeg de boter pas halfweg toe — te vroeg en ze verbranden voor de coquilles gaar zijn.
Let er goed op dat je de binnenkant sappig houdt. Een goudbruine korst aan voor- en achterkant is het doel; doorbakken maakt ze taai.
Bekijk ook: coquilles met hollandaisesaus · coquilles van de bbq.
Ingrediënten
- 6 coquilles
- olijfolie
- klontje boter
- zout en zwarte peper
- 1 rijpe mango
- olie
- 1 sjalot fijngesneden
- 1 teentje knoflook geraspt
- 1 tl gember geraspt
- 1/2 jalapeño fijngesneden
- 1 el limoensap
- 1 el chilisaus
- 1 tl lichtbruine basterdsuiker
Instructies
- Pureer de mango en zeef tot ca. 150 ml. Voeg water toe als het te dik is.
- Bak knoflook, sjalot, jalapeño en gember 3 minuten op matig vuur. Voeg mangopuree toe en laat 3 minuten pruttelen. Voeg limoensap, chilisaus en suiker toe, laat nog 2 minuten pruttelen. Laat afkoelen.
- Dep de coquilles droog en kruid met zout en peper. Verhit olie in een gietijzeren pan op hoog vuur tot net niet rokend.
- Bak de coquilles 2 minuten op de platte kant. Voeg dan boter toe, draai om en schep de gesmolten boter over de coquilles.
- Leg op borden en schep een theelepel mangochutney op elke coquille.